Vijf redenen waarom esports en sportclubs onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn

Wist je dat steeds meer sportclubs gametoernooien organiseren? Gametoernooien zijn niet meer weg te denken bij sportclubs. De markt barst van initiatieven. Sportclubs omarmen breedte-esports. Op lokale schaal worden gametoernooien georganiseerd. Hoe kan dat? Waarom zijn esports en sportclubs zo onlosmakelijk met elkaar verbonden?

1.     De sportclub is een communityplace (en die community gamet)

Elk weekend ontmoeten zo’n drie miljoen Nederlanders elkaar op het sportveld. Ouders spreken elkaar langs de lijn, veteranen drinken een biertje in de kantine en de jongste jeugd verkoopt samen loten voor de Grote Clubactie. De sportclub is dé plek waar men samenkomt. Samenkomen is – naast bewegen – een belangrijke maatschappelijke functie voor sportclubs. Gamen – en dat doet nu eenmaal 90% van de jongeren – brengt mensen samen. Gamen verbindt bestaande en nieuwe leden met elkaar. Hoe gaaf is het als de sportclub jeugdleden en vriendjes elkaar laten ontmoeten met het gamen?

2.     Esports als antwoord op het verliezen van (binding met) leden

Elke club is gebaat bij een gezond ledenbestand. De continuïteit van een sportclub hangt samen met het aantal leden. Veel clubs verliezen (binding met) leden omdat de nadruk op presteren ligt. Die tendens kan doorbroken worden met esports. Juist omdat esports andere vaardigheden vereist, wint de rechtsback van de JO15-4 misschien wel van de topscorer van de JO17-1. Samen gamen in de kantine leidt niet alleen tot een andere dynamiek, leden blijven ook langer hangen. 

3.     Esports en traditionele sporten sluiten op elkaar aan

Esports en traditionele sporten vullen elkaar aan. Zie je het al voor je: na een tennistraining samen een tennisgame te spelen om de tactiek te trainen? Misschien kan dat omdat jouw club een gamehoek heeft waarop jeugd zichzelf gamend verbeterd. Of het esportsteam is aan het trainen terwijl jij buiten bij je dochter staat te kijken hoe zij op het veld beweegt. Dat esportsteam is inmiddels onderdeel geworden van de club omdat gamen een duidelijke aanvulling biedt.

4.     Pappa, ik wil esporter worden!

Generatie Z leeft in de smartphone, kijkt YouTube en volgt Instagram. Of je het leuk vindt of niet. Rolmodellen zijn niet alleen Memphis Depay en Frenkie de Jong, maar ook Koen Weijland en Raoul de Graaf.  Mede door het succes van de Edivisie(bvo’s hebben een eigen esporter in dienst) is het ‘worden van esporter’ een concreter doel dan ooit. Maar waar begin je als je de esporter van Ajax of Feyenoord wil worden? Juist ja, als gamer bij Zeeburgia of Spartaan ’20.

5.     Esports als domein binnen de sportclub met een eigen competitiestructuur

Grote en kleine organisaties initiëren op lokale schaal gametoernooien bij sportclubs. Mark my words: binnen vijf jaar bestaat er een landelijke competitiestructuur (vergelijkbaar met die van een sportbond) waarbij sportclubs in een onderlinge competitie tegen elkaar gamen. Zo zijn we met WePlay Esports onlangs in samenwerking met Rotterdam Sportsupport en House of Esports de Esoccer Championship Rotterdam gestart. Sportclubs doen mee aan een competitie, waarbij jeugdleden en esportsteams met andere verenigingen in aanmerkingen komen. Zo kan het zijn dat het esportsteam van hockeyclub Leonidas op bezoek gaat bij voetbalvereniging FC IJsselmonde.